Zeeuwse voedselteelt moet slimmer

Dankzij een sterke akkerbouw, voedselverwerkende bedrijven én havens met grote logistieke spelers, heeft Zeeland zich ontpopt tot de voedseldelta van Noordwest-Europa. Het gros van de producten – van mosselen, uien, aardappelen tot friet – wordt geëxporteerd.

De totale foodsector is inmiddels goed voor een marktwaarde van 1,7 miljard euro en een toegevoegde waarde van 800 miljoen euro. Vijftien procent van de Zeeuwse beroepsbevolking werkt in de voedselsector. Om die koppositie vast te houden, moeten boeren, vissers en procesindustrie blijven vernieuwen én samenwerken. Dat gaat ook gebeuren, blijkt uit de agenda Voedselrijk Zeeland 2018 van de provincie.

Inmiddels zit iedereen die bij in Zeeland geteeld en verwerkt voedsel betrokken is, onder de paraplu van FoodDelta Zeeland. Dat telt tweehonderd leden, van ondernemers, kennisinstellingen tot overheid. Ze koesteren twee hoofddoelen: slimmer én duurzamer produceren. Als het (milieu)winst oplevert, doe je het samen.

Wat staat er dit jaar op de agenda voor de akkerbouw?
Duurzaamheid en energiebesparing zijn wel de thema’s. Door de extreme weersituaties is het van belang dat er meer bodemleven in de bodem komt. Daardoor wordt water langer vastgehouden, en als het regent, zit er meer zuurstof in de grond. Een gezonde bodem kan klimaatinvloeden bufferen en biodiversiteit verbeteren. ZLTO-landbouwvoorman Joris Baecke zegt dat de landbouw oplossingen voor een aantal grote maatschappelijke thema’s heeft: voedselzekerheid en klimaatverandering. Je kunt klimaatdoelstellingen deels halen door meer koolstofdioxide (CO2) vast te leggen in de bodem. Dat remt de opwarming van de aarde. En door koolstof aan de bodem toe te voegen, wordt de grond vruchtbaarder en is die makkelijker te bewerken.

Daarnaast blijft onderzoek naar nieuwe, profijtelijke teelten van belang. Dat gebeurt onder meer in de biobased proeftuinen bij agrarisch kennis- en innovatiecentrum Rusthoeve in Colijnsplaat, dat een sterk kennisbastion voor nieuwe teelten is geworden. Denk aan exotische gewassen zoals zoete aardappel, honingbes, yacon, quinoa, maar ook aan soja, waarmee de CZAV experimenteert. Ook de teelt van zeewier is in opmars.

Ook slimme landbouw met sensoren, drones en andere digitale middelen blijft in 2018 een speerpunt.

En wat voor de fruitteelt?
Zoet water is een probleem. Slechts voor 200 van de 6.000 hectare is zoet water in de buurt beschikbaar. De provincie Zeeland wil dan ook de uitbreiding van zoetwatervoorzieningen onderzoeken. Daarnaast loopt er dit jaar een Vlaams-Nederlands onderzoek naar een betere bestuiving in de fruitteelt, onder meer door nestblokken voor insecten in boomgaarden neer te zetten.

Welke onderwerpen spelen in de visserij?
De provincie lobbyt vooral om de gevolgen van de aanlandplicht en verder ook de Brexit te verzachten. Ook maakt ze zich sterk voor behoud van de pulsvisserij.

Naast duurzame visserij ondersteunt de provincie (ook financieel) Aqua Valley, waarin vijf bedrijven (waaronder de nieuw indoorkwekerij Kingfish Zeeland) en twee kennisinstellingen samenwerken. Verder wordt onderzocht of een kreeftenveiling in Yerseke haalbaar is.

Bron: PZC, 16 januari 2018

HAS Food Experience op dinsdag 30 januari 2018

Op dinsdag 30 januari 2018 opent HAS Hogeschool voor de 10e keer haar deuren voor de HAS Food Experience. Tijdens deze 10e editie presenteren ruim 200 4e-jaars HAS-studenten hun innovaties die oplossingen bieden voor Today’s Food Challenges!

Ruim 200 HAS studenten tonen hun afstudeerproject in het food- of agrodomein, uiteenlopend van innovatieve food concepten tot visies over de toekomst van food, van reststroomreductie tot proceskundige validaties, van kwaliteitsprojecten tot nieuwe verpakkingsmogelijkheden en van nieuwe producten en marktbenaderingen tot start up food ondernemers.

Heeft u interesse om de HAS Food Experience mede mogelijk te maken door middel van een partnership of sponsering? Bekijk dan deze pagina voor de opties.

Klik hier voor meer informatie en aanmelden voor de HAS Food Experience

FoodDelta Zeeland als katalysator van de Zeeuwse foodsector

“Ontwikkelingen gaan razendsnel. We zien dat sommige mkb-bedrijven het niet kunnen bijbenen, te weinig innoveren. Daarom moeten we samen zaken slimmer en duurzamer aanpakken”, zei voorzitter Wilfred van Elzakker van FoodDelta Zeeland tijdens de netwerkbijeenkomst FoodDelta Zeeland 2.0. Het thema was ‘In de versnelling’. De organisatie heeft een netwerk van 200 leden, een groot deel van de Zeeuwse foodsector maar het doel is om samen nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen.

Onrustig
Food, foodproductie, verwerking en handel hoort van oudsher bij het Zeeuwse DNA, in de laatste jaren kwamen daar culinaire sterren (Zeeland heeft het meest aantal Michelinsterren-restaurants van Nederland en staat bekend om de culinaire hoogstandjes met veelal met lokale topproducten) en innovaties, zoals het telen van kiwi bes, zoete aardappel en zeewierproductie, bij. Maar hoewel de seinen op groen staan, zijn de wateren in de toekomst onrustig. Zowel Rob Morren, sectorbankier Food van Abn Amro en als Wilfred maakten dat afgelopen week nog eens duidelijk, tijdens de netwerkbijeenkomst van FoodDelta Zeeland.

Projecten
Innovatie is de toekomst en de geüpgraded versie van FoodDelta Zeeland wil daarin de katalysator zijn. “Er is geen andere organisatie die de Zeeuwse schakels in de (inter)nationale voedselketens als kennisgebied, uitgangspunt en focus heeft”, benadrukte Wilfred. In de afgelopen jaren zijn een viertal concrete projecten uitgevoerd op aanvraag van aangesloten bedrijven. Big data was een van de projecten. Big data gaan een grote rol spelen in de keten maar wat heb je er precies aan en hoe analyseer je de data. Andere projecten in de afgelopen jaren waren Gebruik van reststromen, New Food (kiwi bes en zoete aardappel) en Korte ketens. Deze aanpak waarbij nauw samengewerkt wordt met het Agri & Foodcentrum Colijnsplaat, wil FoodDelta Zeeland komend jaar voortzetten. Bedrijven kunnen onderzoeksvragen indienen voor nieuwe producten, nieuwe product marktcombinaties en traceerbaarheid in de keten.

Innovatie
Om de ambities op het gebied van innovatie concreet te maken gaat FoodDelta Zeeland een nulmeting uitvoeren waarbij de kansen en behoeften van alle food gerelateerde bedrijven in Zeeland in kaar worden gebracht. Daarnaast zoeken ze de samenwerking op met opleidingsinstituten die zich verdiepen in innovatiemanagement.

Zeeland
Een ander belangrijk thema is de verbinding in en met Zeeland. Het intensiveren van de Zeeuwse ketens op het vlak van productie, logistiek, arbeid, commercie, internationalisering en circulaire economie maar ook door het vergroten van de zichtbaarheid van het Zeeuwse foodcluster en Proef en Beleef door branding en beleving bijvoorbeeld tijdens de Dutch Agri Food week maar ook door samenwerking te zoeken met de VVV.

bron: www.agf.nl
Auteur: Marjet Lubbers

Presentaties:

Wilfred van Elzakker – FDZ bijeenkomst 30nov17

Rob Morren – Presentatie ABN-AMRO FoodDelta Zeeland

Netwerkbijeenkomst FoodDelta Zeeland 2.0 – in de versnelling!

Op donderdag 30 november a.s. willen wij onze deelnemers en overige genodigden op de hoogte brengen van onze ambities en plannen voor 2018 en later tijdens onze jaarlijkse bijeenkomst bij Gasterij Schoudee te Wemeldinge.

FoodDelta Zeeland wil zich verder ontwikkelen als dé katalysator en co-innovator op het gebied van food. Met onze achterban van foodbedrijven en het grote netwerk kunnen en willen wij een belangrijke rol spelen bij het verbinden van overheden, kennisinstellingen en bedrijven. Dit om met elkaar te innoveren en ‘alive and kicking’ te blijven als Zeeuwse regio.

Onze achterban van bedrijven in food is belangrijk voor ons: tenslotte zijn zij ‘FoodDelta Zeeland’. Wij willen graag met u in gesprek gaan: wát is belangrijk voor u als ondernemer en wat kan FoodDelta Zeeland/uw collega-ondernemers hierin betekenen?

Op deze avond zal de heer Rob Morren, sectorbanker Food bij ABN-AMRO een presentatie geven over ‘’ontwikkeling consument, retailer, ontwikkeling promotiedruk, dynamiek markt (o.a. fusies & overnames) duurzaamheid en circulariteit, digitalisering en hoe wij denken dat ondernemers in de food kunnen voorsorteren op gezonde toekomst.”

Voor de volledige uitnodiging, inclusief programma, klikt u hier

Aqua Valley Zeeland

Afgelopen zomer is aan de Jacobahaven in Kamperland het Aqua Valley project van start gegaan. Een uniek consortium van aquacultuurbedrijven en onderzoeksinstellingen zal in de komende vier jaar kennis en expertise bundelen om innovaties in de sector te versnellen.

Kennisdeling & open innovatie
Een succesvolle en duurzame aquacultuur onderneming vereist een specifieke kenniscombinatie van technologie, biologie en marktontwikkeling. Alle benodigde kennis vergaren en commercieel toepassen is een lange weg met veel onderzoek- en ontwikkelingswerk en risicovolle investeringen. Door reeds opgedane én nieuwe kennis te bundelen en binnen Aqua Valley op een gestructureerde wijze met elkaar te delen wordt beoogd sneller innovaties te realiseren en succesvol toe te passen. Dat moet uiteindelijk leiden tot een stabiele en renderende aquacultuursector in Zeeland en tevens andere bedrijven inspireren om deel te nemen aan het Aqua Valley cluster.

Projectdeelnemers
Het project bestaat uit vijf aquacultuur ondernemingen: Coöperatieve Fry-Marine, Kingfish Zeeland, Seafarm, Aqua Marine en Green Shrimp Farming Foundation. Daarnaast zijn drie onderzoeksinstellingen betrokken: Stichting Zeeschelp, Hogeschool Zeeland en Wageningen University & Research. De projectsamenwerking staat onder leiding van Marco Dubbeldam van Stichting Zeeschelp met assistentie van Willy Reiniers van de Kamer van Koophandel.

Belangrijk om te vermelden is dat Aqua Valley niet beperkt blijft tot de huidige deelnemers: ‘Het is uitdrukkelijk de bedoeling om andere bedrijven te inspireren om deel te nemen aan het Aqua Valley cluster’.

Geïnteresseerd in deelname aan het project? Neem contact op met Stichting Zeeschelp of Craeghs Consultancy en vraag naar de mogelijkheden!

bron: Craeghs Consultancy – http://craeghs.nl/Klantverhalen/Aqua_Valley/

Technologische innovaties bepalen toekomst Agri & Food

Sensoren, drones, autonome robots, smart farming, big data, vision technologie, slimme LED verlichting… De innovaties binnen de Agri en Food sector volgen elkaar in een rap tempo op met als doel: de wereld blijvend van voedsel voorzien, schaarste aanpakken en inspelen op de veranderende voedselketen. Efficiënter, effectiever, duurzamer en anders produceren, zowel in de machinebouw, voedselverwerking als op het land of in de kas staan hierbij centraal. Tijdens de tweede editie van AgriFoodTech op 13 en 14 december brengen we deze sectoren bij elkaar en (ver)bouwen we samen de toekomst!

Dit is AgriFoodTech 2017
Tijdens AgriFoodTech, vakbeurs met congres, brengen we de topsectoren High Tech Systemen & Materialen, Agri & Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen samen. Een greep uit de highlights:

Demo’s van o.a. Marel Stork Poultry Processing, TOP bv, HAS, AgriFac en Homburg.
Drone demonstratie: inspectie bij food productie.
Paviljoen Precisielandbouw.
40 Technologische lezingen rondom thema’s als machinebouw & automatisering, Big data & ICT, Smart farming en Testen, meten & kwaliteit (hygiëne).
110 exposanten om te ontmoeten.
(Internationale) Meet & Match in samenwerking met Enterprise Europe Network.

Op 13 december vindt het AgriFoodTech Platform Congres plaats. Thema: (W)eten wat je niet (w)eet.

Topopleiding voor senior management in agrifood

Nederland staat bekend om zijn sterke agrifoodindustrie, die internationaal op topniveau functioneert. Ondernemerschap en onderwijsinstellingen op MBO-, HBO- en WO-niveau spelen daarin een belangrijke rol. Toch was er nog steeds geen internationale business opleiding voor senior managers in de agrifood. Dat verandert met de komst van het Agrifood Executive Global Programma (AEGP).

‘Er zijn in de wereld fantastische executive programma’s, maar geen of weinig die op agrifood zijn gespecialiseerd’, zegt Koen Slippens, CEO van de Sligro Food Group. Hij is één van de initiatiefnemers van het AEGP. ‘Wij vroegen ons af of het niet mogelijk was om de beste business school ter wereld te matchen met de geweldige specialistische agrifoodkennis die in Nederland beschikbaar is. Als je, zoals AgriFood Capital, de ambitie hebt om de slimste foodregio ter wereld te zijn, hoort daar natuurlijk ook een top-opleidingsinstituut bij.’

Wie op de website van de AEGP kijkt, ziet in eerste instantie twee namen: IESE Business School uit Barcelona en de Wageningen Universiteit. Zij gaan de opleiding opzetten. Waar is de Brabantse inbreng? Dick Pouwels, bestuurslid AgriFood Capital en kartrekker Human Capital Agenda van het topteam Agri&Food: ‘Het plan komt van een aantal CEO’s van Brabantse bedrijven. Je kunt je verder voorstellen dat een aantal van de businesscases die in de opleiding aan de orde komen, afkomstig zullen zijn van deze bedrijven. Maar de wereld is groter dan Brabant.’

Verrijkend

Aan welke kennis heeft het senior management van bedrijven in de agrifood dan behoefte? Koen Slippens: ‘Het kan heel verrijkend werken als je algemene executive onderdelen, zoals finance en leiderschap, koppelt aan de specifieke issues waarmee de foodwereld vandaag de dag te maken heeft: dan gaat het over gezondheid, de uitputting van de aarde, de beschikbaarheid van voedsel versus voedselverspilling, dierenwelzijn maar ook over lekker en genieten. Al die thema’s waarmee wij met zijn allen dagelijks worden geconfronteerd, kun je in zo’n programma onderbrengen.’

Dick Pouwels vult aan: ‘De mondialisering in de agrifood gaat heel hard. Daar komt bij dat deze sector van zichzelf al een behoorlijke complexiteit heeft, want het is echt een ketensector, van zaadje tot karbonaadje en van grond tot mond. Met alle daarbij behorende, sterke onderlinge afhankelijkheden. Die maken de strategische complexiteit zeer groot. Het vraagt van het senior management een goede kennis om de strategische lange termijn ontwikkeling van het bedrijf te sturen. Het is dus wel degelijk belangrijk om een opleidingsprogramma te ontwikkelen dat gericht is op de specifieke context van de agrifood.’

Zien de bestaande opleidingen in de agrifood hier een behoefte over het hoofd? Pouwels: ‘Als je kijkt naar het opleidingshuis in de agrifood-sector, hebben we aan de technische kant goede opleidingen op niveau, zowel HBO als WO. Maar aan de businesskant stopt het bij de hogeschool. Wageningen Universiteit heeft een aantal economisch getinte opleidingen, maar die zijn niet specifiek gericht op business. Nyenrode en TIAS richten zich daar wel op, maar missen weer de agrifood component.’

Business cases

Uit een haalbaarheidsonderzoek dat voorafgaand aan de ontwikkeling van het AEGP is uitgevoerd, blijkt dat het bedrijfsleven vooral drie zaken wil terugzien in het programma. Pouwels: ‘Ten eerste moeten alle schakels in de agrifoodketen zichtbaar zijn. Ten tweede moeten de business school en agrifood school echt wereldtop zijn. Dat bereiken we in de samenwerking van IESE en Wageningen UR. Ten derde moet het over internationale business development gaan. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de business case methode. Dat gaat niet anders dan door ook ‘real life’ kennis te maken met een bedrijf, dus ter plekke aanwezig te zijn en de praktijk tastbaar te maken.’

Dit betekent dat er in vier weken vier locaties op diverse continenten worden bezocht. Volgens Pouwels is die periode lang genoeg om de vaardigheden van de cursisten op een hoger niveau te brengen. ‘Het lijkt vrij kort, maar de mensen die deze opleiding volgen, beginnen niet vanaf nul. Het gaat om senior managers tussen de 40 en 50 jaar, die reeds beschikken over de nodige ervaring en een hoog opleidingsniveau. Daar bouw je op door.’

Koen Slippens wijst er bovendien op dat de samenstelling van de groep tot een zekere onderlinge chemie leidt, die de cursisten zal stimuleren: ‘Je bent in totaal een maand op stap met gelijkgestemden, die allemaal in dezelfde business actief zijn.’ Volgens hem is het AEGP echter nog maar het begin van een veel groter instituut. ‘Wat mij betreft komt er uiteindelijk een heel curriculum. Ik denk namelijk dat je in zo’n instituut een breder pakket aan opleidingen kunt aanbieden, van starters tot executives. Waardoor je ook de klik krijgt tussen mensen die op hogere posten zitten en starters die met frisse, goede ideeën komen. Die werelden met elkaar in contact brengen, kan veel moois opleveren.’

Slippens verwacht dat deelnemers aan het AEGP vooral veel inspiratie opdoen. ‘Het gaat niet alleen om dingen leren, maar vooral om terug te komen met enorm veel nieuwe ideeën en inzichten die je in jouw functioneren winst opleveren.’ Dat klinkt goed, gaat hij de opleiding ook zelf volgen? ‘Ik heb mij door een drukke agenda nog niet kunnen inschrijven voor het eerste jaar, maar ik ga het met belangstelling in de gaten houden.’

De eerste ronde van het AEGP gaat in mei 2018 van start met tussen de 25 en 40 kandidaten. ‘We hebben er nu al zo’n 25 in beeld’, zegt Dick Pouwels. ‘Daarbij letten we ook op de samenstelling van de groep. Die moet zo divers mogelijk zijn.’ Daarom moeten kandidaten ook een CV inleveren en is er een assessment vooraf. Voor meer informatie en aanmelden: zie http://aegprogram.com.

bron: www.food-nutrition.nl

Brexit zet vraag Nederlandse foodproducten onder druk

In het Verenigd Koninkrijk zijn de prijzen van voeding in de eerste acht maanden van 2017 met zo’n 2 procent gestegen ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Zo zorgde de economische groei in de Europese Unie voor een sterkere euro, terwijl het Britse pond terrein verloor door de onzekerheid over de Brexit en het dalende vertrouwen in de economie.

De voedselvoorziening in het Verenigd Koninkrijk is voor een kwart afhankelijk van de EU. Zo heeft het land voor groente (55 procent) en fruit (20 procent) een lage zelfvoorzieningsgraad. Nederland is één van de belangrijkste toeleveranciers van deze productgroepen. De druk op de prijzen van deze producten neemt echter toe. In het eerste halfjaar van 2017 steeg de importwaarde van groente en fruit sterk en ook de importwaarde van vlees nam toe. Zo gaat 16 procent van de totale Nederlandse vleesexport naar het Verenigd Koninkrijk; voor groenten en fruit is dat 12 procent.

ABN AMRO verwacht dat de voedselprijzen over heel 2017 hoger komen te liggen voor de Britse consument. Dit kan nadelig uitpakken voor de afzet van sommige producten. Dit geldt vooral voor fruit, maar ook voor groenten en vlees. De daling van het Britse pond maakt ook Nederlandse producten duurder. Zo viel de export van voedingsmiddelen in het begin van 2017 tegen ten opzichte van de export naar andere Europese landen. Mogelijke importheffingen na de Brexit kunnen dit effect versterken.

Door de Brexit komt de vraag naar Nederlandse voedingsmiddelen onder druk te staan. Dit stelt exporteurs van foodproducten voor strategische keuzes, benadrukt ABN AMRO. ‘Het combineren van de expertise van Nederlandse ondernemers en afnemers in het Verenigd Koninkrijk kan een win-winsituatie opleveren. Thanet Earth – een joint venture tussen Nederlandse teeltbedrijven en een Britse verkoop- en marketingorganisatie – is een goed voorbeeld van een groep gelijkgestemde ondernemers die samenwerken om hun positie in het Verenigd Koninkrijk te versterken. Nederlandse vruchtgroentetelers hebben hiermee een impuls gegeven aan de Britse glastuinbouwsector’, vertelt Jan de Ruyter, Sector Banker Plantaardige Sectoren van ABN AMRO. ‘Nederlandse ondernemers kunnen nu ook de stap nemen om hun relatie met het Verenigd Koninkrijk te verstevigen, er blijft voldoende ruimte en een goede markt voor onze kwaliteitsproducten. Het Verenigd Koninkrijk zal deze producten ook na de Brexit blijven importeren, want vraag naar veilig, betaalbaar en gezonde voeding blijft bestaan.’

Het volledige rapport is hier te downloaden.

bron:www.food-nutrition.nl

Informatieavond Europese subsidies voor plattelandsontwikkeling en het bevorderen van leefbaarheid

Binnenkort wordt er weer Europese subsidie beschikbaar gesteld voor projecten die een bijdrage leveren aan de vitalisering van het platteland (POP3-LEADER).Daarom organiseren de Lokale Actie Groepen Zeeuws Vlaanderen en Midden- en Noord- Zeeland een informatieavond voor organisaties, bestuurders, ondernemers en initiatiefnemers om informatie te geven over de mogelijkheid om een project te realiseren met behulp van Europese subsidie. Heeft u ideeën of wilt u meer weten over deze subsidie? U bent van harte welkom!

Wanneer? Woensdag 8 november 2017
van 19.00 tot 21.30 uur
Waar? Dorpshuis De Stadsweide, Stadspolderlaan 1, Kortgene

Wanneer? Dinsdag 14 november 2017
van 19.00 tot 21.30 uur
Waar? ‘t Meulengat, Sint Elisabethlaan 49, Sluiskil

Voor Zeeuws Vlaanderen is € 1.000.000 beschikbaar én voor Midden- en Noord-Zeeland is ook € 1.000.000 beschikbaar, afkomstig van de Europese Unie. Van de Zeeuwse gemeenten en particulieren wordt verwacht dat zij ook mee betalen aan de projectkosten.De subsidies zijn bedoeld voor plattelandsontwikkeling en het bevorderen van de leefbaarheid. Om in aanmerking te komen voor subsidie is het van belang dat de plannen te maken hebben met een van de thema’s uit de Lokale Ontwikkelingsstrategie. Voor Zeeuws-Vlaanderen zijn deze thema’s: ‘(landbouw)producten uit Zeeuws Vlaanderen’, ‘lerend werken’ en ‘zorg voor de streek’. Voor Midden- en Noord-Zeeland zijn deze thema’s: ‘levende landbouw’, ‘samenwerking op het gebied van recreatie en toerisme’ en ‘initiatiefkracht burgers’.

Deelname is kosteloos. Aanmelden kan tot 8 november 2017 via
https://www.formdesk.com/provinciezeeland/lag14112017